Jezelf verliezen

Wanneer je je vaak richt op wat de ander nodig heeft, kan het voelen alsof je jezelf verliest in een ander. Maar je kunt jezelf niet echt verliezen. Je kunt wel je eigen behoeften ontkennen of negeren. En daarmee verbreek je het contact met jezelf.

Het is geen toeval dat je de emoties van een ander beter voelt dan die van jezelf.
Dat is namelijk al ouder dan deze relatie. Er is een moment geweest, misschien heel vroeg al, waarop je besloot: Als ik goed mijn best doe, dan komt het goed.

En dat deed je. Je hebt je aangepast, gezorgd voor de ander, gepolst, geplooid, gepast. Bent jezelf verloren in verantwoordelijkheden, verwachtingen, rollen. Altijd afgestemd op de ander.

Jezelf verliezen komt niet uit het niets

Het is een overlevingsstrategie die ooit is ontstaan toen je nog klein was, en verbinding gelijk stond aan veiligheid. Als kind voelde je feilloos aan wat er nodig was om die verbinding te behouden.
Dat maakte je sensitief, loyaal, afgestemd. En nu voelt het alsof je verdwaald bent in een leven dat je ooit hebt gekozen, maar dat niet meer klopt.

Ik herken dit zo goed. Zelf merkte ik laatst dat ik in gesprekken nog steeds op scherp sta —
alsof ik moet zorgen dat de ander zich goed voelt. Terwijl ik óók verlang naar echte verbinding, waarin ik mezelf niet kwijtraak.

Inmiddels heb ik geleerd te voelen en te zien wat van mij is en wat van de ander is. En dat vraagt ook verantwoordelijkheid. Om te checken bij de ander — in plaats van in te vullen. Hier is een ezelsbruggetje voor. NIVEA: Niet Invullen Voor Een Ander.
En soms ook: het ongemak verdragen. Niet meteen fixen. Niet sussen of gladstrijken. Want je bent niet verantwoordelijk voor wat een ander niet durft uit te spreken.

Herinner je wie je bent

Wat ik heb geleerd, en ook in mijn praktijk zie:
Zodra iemand weer thuiskomt bij zijn of haar essentie, ontstaat er ruimte. Rust. Energie. Dat betekent niet dat het leven ineens makkelijk is, maar wel dat het klopt. Omdat je niet langer ingaat tegen je eigen natuur — tegen jezelf. Wanneer je ruimte voor jezelf maakt, je eigen plaats gaat innemen, kan de energie weer moeiteloos gaan stromen.

Sta jij op jouw plek in het contact?

Maar hoe weet je of je op je plek staat, in contact met een ander? Let eens op deze signalen:

  • Je voelt je verantwoordelijk voor de gevoelens of keuzes van de ander.
  • Je voelt je schuldig als je voor jezelf kiest.
  • Je bent steeds bezig met hoe je overkomt of dat de ander nog oké met je is.
  • Je geeft meer dan je ontvangt en voelt je leeg, teleurgesteld of onzichtbaar.
  • Je voelt onrust, vermoeidheid of lichte spanning na contactmomenten.

Dat zijn tekenen dat je niet op jouw eigen plek in het systeem staat. Loyaliteit kan maken dat je jezelf opzij zet.

Systemisch kijken naar je plek

Vanuit systemisch werk kijken we naar jouw plek binnen een groter geheel. Wanneer je structureel meer op de plek van een ander gaat staan — bijvoorbeeld die van een ouder, een partner, een redder — raak je jezelf langzaam kwijt. Dit patroon ontstaat vaak al vroeg.
Wat dan helpt:

  • Vraag jezelf: Wat is van mij, en wat is van de ander?
  • Bedenk: Wat zou ik doen als ik alleen verantwoordelijk was voor mezelf?
  • Herinner jezelf eraan: Ik ben niet verantwoordelijk voor hoe de ander zich voelt.
  • Durf: Het ongemak te verdragen als de ander even niet blij is met jouw grens.
  • Visualiseer je plek: Mag jij daar gewoon staan?

Dat vraagt oefening. Soms ook moed. Want trouw blijven aan jezelf kan betekenen dat je even minder leuk gevonden wordt. Maar het betekent ook: trouw blijven aan je innerlijke kompas. Zodat je jezelf niet kwijtraakt.

Jezelf zijn in verbinding

Je kunt nog zo verbonden willen zijn, als je jezelf niet meeneemt, is het geen echte verbinding. Dat is niet alleen jezelf verliezen, maar de ander heeft ook geen echt contact met jou. Dit is geen argument om afstand te nemen of kilte. Integendeel. Juist als jij stevig op je plek staat, wordt echte intimiteit mogelijk. Dan hoef je de ander niet te redden, en jezelf niet te verliezen. Dan kun je vrij geven, en helder ontvangen. Dat is wat ik iedereen gun. Jou ook.
Je bent welkom voor een verkennend gesprek, waarin we elkaar kunnen ontmoeten.